techniek

Zo werkt de techniek :

Van elke foto, tekening, afbeelding of uitsnede daarvan kan een transparant schilderij gemaakt worden wat met “penseelstreken” met de hand op de achterkant van glas of acrylaat (plexiglas) wordt geschilderd.

Je ziet het schilderij vanaf de voorkant, je kijkt dus door de voorkant heen, zoals door een “venster” naar het kunstwerk.  Omdat een deel van het kunstwerk transparant blijft vormt de omgeving de achtergrond van het schilderij. (vooraf moet de kleur van de achtergrond bekend zijn)

Op glas kun je niet schetsen. Er wordt dus eerst op papier een schets gemaakt. De schets wordt gescand en digitaal vergroot of uitgesneden naar de uiteindelijke afmeting van het schilderij. De oorspronkelijke kleuren van de schets worden digitaal “ingekleurd” met de definitieve kleuren die gebruikt zullen gaan worden.

Vervolgens wordt de schets, die al is aangepast naar de juiste afmetingen en kleuren, digitaal in spiegelbeeld gezet en uitgeprint op het definitieve formaat. De print wordt op een lichtbak gelegd, met daarbovenop de glasplaat. De lichtbak is nodig om te voorkomen dat er hele kleine plekjes van de afbeelding transparant blijven die juist niet transparant mogen zijn en om een juiste dekkingsgraad van de verf te garanderen. De glasplaat en de lichtbak liggen altijd horizontaal, de verf zou anders gaan “lopen” over het super gladde glas.
Nu kan op de achterkant van de glasplaat het schilderij geschilderd worden. Dit betekent omgekeerd werken en denken. Goed nadenken, want de voorgrond moet als eerste, en de achtergrond als laatste geschilderd worden omdat straks de afbeelding vanaf de voorkant te zien zal zijn.

Dit proces is een hele oude techniek die verre églomisé wordt genoemd.

Als alle verflagen goed gedroogd en uitgehard zijn worden er met een klein mesje nog wat oneffenheden en gemorste verfdruppeltjes verwijderd en kan het schilderij worden omgedraaid. Dan pas is het eindresultaat te zien!

techniek

Hartegroet,techniek

Karin Bonnemaijers